Interview met Pieter van der Wal, de nieuwe havenmeester van Groningen Seaports

publicatie in De Binnenvaartkrant

Verbinden om doelen te halen

interview door Jan Johan ten Have

“Als mijn kleinkinderen over vijftig jaar aan de zee denken, dan hoop ik dat ze een mooie, helderblauwe watermassa voor zich zien. En niet een grauwe plastic soep.” Dat zegt Pieter van der Wal, de nieuwe havenmeester van Groningen Seaports, havenbeheerder van  de Eemshaven en de haven van Delfzijl. Het nieuwe hoofd van het Nautisch Servicecentrum is een pragmatisch man, die zijn voltallige team wil verbinden om doelen te halen: “Om echt iets te bereiken, moet je met elkaar de schouders eronder zetten.”

Praktijkgericht

Van der Wal is al zeventien jaar een bekend gezicht binnen Groningen Seaports. Tot voor kort was hij er als chef verkeersdienst de rechterhand van havenmeester André Bruijn als het ging om operationele zaken. “De huidige wet- en regelgeving vraagt om een aanpassing van onze organisatie. Daarom komt er geen nieuwe chef verkeersdienst. De organisatie wordt platter, waarbij onder meer onze verkeersbegeleiders meer verantwoordelijkheden en beslissingsbevoegdheden krijgen. Dat zijn allemaal zeer vakkundige en ervaren mensen die uitstekend zelf beslissingen kunnen nemen. Met minder hiërarchie kun je praktijkgericht werken.”

Veiligheid en milieu

Peter van der Wal is een mensenmens. Zijn persoonlijke status als havenmeester vindt hij niet zo relevant. “De havenmeester kan niet zonder het team en het team kan niet zonder de havenmeester. We hebben elkaar allemaal nodig om hier iets te bereiken”, vertelt hij. “Bij alles wat we hier doen staat veiligheid voorop. Dat was zo, is zo en blijft zo. Daaraan doen wij geen concessies. Punt.”

De nieuwe havenmeester van Groningen Seaports Pieter van der Wal in de haven van Delfzijl.

Pieter van der Wal: ‘Om echt iets te bereiken, moet je met elkaar de schouders eronder zetten (foto Jan Johan ten Have).

Belangrijk onderdeel van de visie is duurzaamheid: “Wij kijken naar de toekomst door het oog van het milieu. Zo mogen binnenvaartschepen hier aan de kade de stekker in het stopcontact steken in het kader van ‘minder uitstoot, meer groene energie’. Ook voeren wij actief beleid op het gebied van ballastwater en zamelen wij afval in tegen gereduceerde tarieven.”

Innovatieve ontwikkelingen

Van der Wal stimuleert uit de grond van zijn hart innovatieve ontwikkelingen binnen Groningen Seaports. Vol bevlogenheid vertelt hij over het nieuwe leidingennet voor waterstof dat er is aangelegd. En over deelname aan een consortium voor ontwikkeling van autonome scheepvaart.  “Om een schip zonder bemanning tussen de Eemshaven en bijvoorbeeld Rotterdam te kunnen laten varen, is de realisatie van een 5G-netwerk noodzakelijk. Hiervoor maken wij ons sterk.”

Ook ontwikkeling van de economie – zowel regionaal als nationaal en ook grensoverschrijdend – heeft focus: “Daarom vinden wij de bouw van de nieuwe staalfabriek van Van Merksteijn in de Eemshaven van groot belang. Bij deze ‘kleine hoogovens’ wordt 350 meter nieuwe kade aangelegd. Het levert werkgelegenheid op voor zo’n driehonderd mensen.” Een andere innovatieve ontwikkeling is toename van gebruik van biomassa in de RWE-energiecentrale in de Eemshaven: “Als de doelen worden gehaald, krijgen we te maken met aanvoer van grondstoffen in veel meer, maar kleinere schepen. In plaats van de tien reusachtige kolencarriers komen er dan zo’n tweehonderd schepen met biomassa. Dat vraagt om een stevige aanpassing van onze logistieke organisatie.

Fries in Groningen

Boven het bureau van Pieter van der Wal hangt een spreuk: ‘If you tell the truth, you don’t have to remember’. De woorden schetsen de geboren Fries die sinds kort aan het hoofd staat van de Groninger havens. Hij gniffelt erom: “Klopt, ik kom van Ameland. Maar mijn vrouw is Groningse en ik woon hier inmiddels zo lang, dat ik me ook een Groninger voel.”

De eilander Van der Wal is zoon van een kapitein op de veerboten van Wagenborg. Zelf wilde hij naar zee en dus ging hij naar de Zeevaartschool. Nadat hij een jaar bij Shell Tankers BV werkte als geïntegreerd scheepsgezel, ging hij terug naar de schoolbanken. Aan de NAVSET in Delfzijl volgde hij de opleiding tot stuurman en Machinist kleine handelsvaart. Bij Wagenborg Shipping ging hij vervolgens aan de slag op een 1500 tons kruiplijner. Ook was hij afbouwmachinist van twee nieuwe coasters. Met een gezin thuis trok de zee minder. Hij vertrok naar gasmotorenfabriek Waukesha, maar na een half jaar belde Wagenborg met de vraag of hij belangstelling had om te gaan werken voor de Havensleepdienst Delfzijl-Eemshaven. Hij werkte er negen jaar met veel plezier. De vraag naar havenslepers nam echter af en terug naar de grote vaart wilde hij niet. Daarom vertrok hij naar scheepswerf Damen, waar hij werkte als troubleshooter tussen werflocaties in Hoogezand en Roemenië: “Hier leerde ik out-of-the-box-denken. Nederlanders werken heel oplossingsgericht, terwijl in Roemenië nog de oude Oostblokmentaliteit van opdracht-is-opdracht heerste, een wereld van verschil.”

Groningen Seaports

Toen de Hoogezandster werf van Damen in 2001 sloot, kon Van der Wal aan de slag bij Damen in Gorinchem. Maar het gezin Van der Wal wilde in het Noorden blijven. Daarom solliciteerde hij naar de functie van verkeersbegeleider bij Groningen Seaports. Hij werd aangenomen, maar oefende deze functie nooit uit. Want al tijdens zijn opleiding kreeg hij de vraag of hij planner wilde worden: “In deze functie kon ik mij doorontwikkelen tot chef verkeersdienst en die mogelijkheid strookte heel goed met mijn ambities.” Na enkele jaren in laatstgenoemde functie, neemt hij nu plaats in de zetel van de havenmeester, in het kantoor met prachtig uitzicht over de haven van Delfzijl.

Van der Wal begon zijn nieuwe baan met een hoogtepunt. Want in zijn eerste weekend lag de Eemshaven voor het eerst in de geschiedenis helemaal vol met schepen. Er kon geen roeiboot meer bij. “De aantrekkingskracht van de nieuwe havenmeester”, zegt hij met een knipoog, om serieus te vervolgen: “Het had te maken met het slechte weer. Ik vond het geweldig dat wij al die schepen een veilige haven konden bieden. Het is ook een teken aan de wand: het gaat goed met onze havens. Maar we zijn er nog niet, het werk is nooit klaar. Wij moeten ons blijven ontwikkelen.”

Laat wat van je horen

*

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.